Vlambloem, Floks (Phlox)
Het geslacht Phlox kent bijna 70 soorten waarvan er een aantal in onze tuinen worden toegepast. De officiƫle Nederlandse naam is vlambloem maar ook wordt deze plant vaak bij zijn Latijnse naam genoemd (Flox of Floks).
Op dit moment is er geen Vlambloem, Floks (Phlox) beschikbaar
Er zijn momenteel geen producten beschikbaar binnen deze categorie.
Bekijk gerust onze andere categorieƫn of gebruik de navigatie om een passend alternatief te vinden.
De vlambloem wordt in onze tuin toegepast in. Verschillende groeivormen. Deze zijn eigenlijk terug te voeren in twee groeiwijzen, een kruipende en een opgaande groeiwijze.
De kruipende vlambloem is een half-wintergroene vaste plant. Half wintergroen wil zeggen dat tijdens de winter de plant niet bovengronds afsterft maar zichtbaar blijft. Ze verkeren dan wel in een soort van winterrust. Ze worden ongeveer 10 cm hoog (afhankelijk van de soort) en hebben smalle, donkergroene blaadjes. Liggend op deze blaadjes verschijnen de stervormige bloempjes in april tot juni. Deze bloempjes zijn verkrijgbaar in diverse kleuren, wan wit tot donkerroze, blauwachtig en zelfs gestreept. Het zijn enorm rijke bloeiers die een tapijt van bloemetjes in uw tuin zullen neerleggen.
De opgaande vlambloemen hebben een polvormige groeiwijze en zullen uiteindelijk uit kunnen groeien tot zoān 100 cm hoogte. Ze vormen stevige stegels met donkergroene, lancetvormige bladeren. Aan het einde van deze stelen vormen zich dan trossen/pluimen mest vele stervormige bloemen. Deze bloemen verschijnen in juli aan de plant en de bloei zal doorgaan tot ver in september. De bloemen hebben een lichte, aangename geur en zijn erg in trek bij vlinders. In de loop der jaren zijn er verschillende rassen gekweekt en is de vlambloem in een grote schakering aan kleuren verkrijgbaar. De kleuren lopen van felrood naar paars en wit. Er zijn zelfs meerkleurige soorten verkrijgbaar.
Phlox geeft de voorkeur aan een zonnige standplaats maar eventuele lichte schaduw wordt ook verdragen. De grond dient voedzaam te zijn voor de hogere soorten, de kruipende flox kan met minder voeding af. De grond bij voorkeur vochthoudend maar wel doorlatend zodat de plant tijdens een regenperiode geen ānatte voetenā krijgt.
De hogere soorten sterven in de winter bovengronds af en deze dode plantendelen kunnen dan in de winter worden afgesnoeid. De kruipende soorten knippen we eventueel wat terug in het voorjaar, net voordat ze gaan uitlopen. Dit doen we dan door de liggende stelen wat uit te dunnen, we halen een gedeelte van de stengels weg zodat ze vanuit het midden van de plant weer gaan uitlopen en zo fris en jonge stengels blijven vormen.
De vlambloem is niet voor niets een veelgebruikte tuinplant. Zowel de kruipende als de opgaande soort is een dankbare en sterke vaste plant die veel toepassingen kent. Als bodembedekker (de lagere soorten) maar ook als borderplant. Die laatste wordt zelfs ook regelmatig als snijbloem gebruikt en vinden we terug in zomerboeketten. Dankbare planten die het woord zijn om een plekje te geven.